Nieuws
Wedstrijden
Forum
Selectie
De Toekomst
Columns
Prijsvraag
Links


Achtergrond: Het heilig verklaarde systeem
25 april 2008 - door onze redacteur Marten Zwitser

De spitspositie bij Ajax is al jaren een veelbesproken onderwerp binnen het Nederlandse voetbal. 'Nummer 9' is in Amsterdam een slangenkuil die maar weinig spitsen overleven. De afgelopen tien jaar is er op die positie dan ook eigenlijk maar één speler echt geslaagd in De Arena, Klaas-Jan Huntelaar.

'De afgelopen tien jaar is er op de nummer 9 positie eigenlijk maar één speler echt geslaagd in De Arena, Klaas-Jan Huntelaar' Ajax en 4-3-3 zijn bijna onlosmakelijke begrippen geworden. De Amsterdammers hanteren dit spel al decennialang met wisselend succes. Toch wil men van geen wijken weten als het om de formatie gaat. De buitenspelers zorgen voor de actie langs de lijn, de spits kopt of schiet de ballen van diezelfde buitenspelers binnen en de nummer 10 is er voor een eventuele afvallende bal. Het is het perfecte plaatje dat midden jaren '90 briljant werd uitgevoerd. Met Jari Litmanen, Marc Overmars, Finidi George en Patrick Kluivert was natuurlijk ook een boel mogelijk, maar het werd toch maar even uitgevoerd.

Nu lijkt het alsof Ajax oude tijden wil doen herleven. De seizoenen rond de eeuwwisseling waren van een dramatisch niveau, maar nog altijd werd hetzelfde 4-3-3-systeem aangehouden. De laatste jaren wordt er wel met drie spitsen gespeeld, maar op een heel andere manier dan 'zoals het hoort'. Van voorzetten is geen sprake meer, waardoor de centrale man voorin te weinig wordt benut in dit spelsysteem.

Ryan Babel is in principe een typische buitenspeler, maar hij heeft geen voorzet in de benen. Daar komt nog bij dat hij stijf rechts is en bij Ajax vaak vanaf de linkerkant moest opereren, zoals dat nu ook bij Liverpool het geval is. De Uruguayaan Luis Suárez begint de kunst van het kijken en afgeven steeds meer te beheersen, maar een type Overmars zal het nooit worden. Dennis Rommedahl is eigenlijk de enige pure buitenspeler in de Ajax-selectie van dit moment. De Deen is snel, plakt aan de zijlijn en heeft een prima voorzet in huis. Toch laat zijn rendement volgens de Amsterdamse leiding waarschijnlijk nog te wensen over, gezien zijn geringe speeltijd.

'Dennis Rommedahl is eigenlijk de enige pure buitenspeler in de Ajax-selectie van dit moment' Wanneer deze ontwikkeling puur voetballend bekeken wordt, kan worden geconstateerd dat niet het optimale rendement uit de diepste spitsen is gehaald de laatste jaren. Kluivert was de laatste uit de eigen opleiding die het in dit systeem waarmaakte, hij groeide er mee op en had het geluk dat hij in een prima draaiend elftal terechtkwam. Daarna zijn spelers als Shota Arveladze en Nikos Machlas aangetrokken, maar zij presteerden toch niet helemaal wat van ze werd verwacht.

Arveladze draaide een uitstekend eerste seizoen. De Georgiër produceerde 25 doelpunten en had een belangrijk aandeel in het kampioenschap. Hierna ging het echter bergafwaarts. In de drie jaargangen na het kampioensseizoen was Arveladze goed voor totaal dertig goals, waarna hij naar Glasgow Rangers vertrok. Ajax had zijn opvolger al in de gelederen in de persoon van Machlas. De Griek maakte in twee seizoenen ruim vijftig doelpunten voor Vitesse en maakte de overstap naar De Arena. Ook hij maakte uiteindelijk niet waar wat in Arnhem wel lukte, namelijk veel scoren. Na drie jaar werd alweer afscheid genomen van de spits, die bij Ajax nooit verder dan veertien doelpunten in een seizoen kwam.

Met de komst van Zlatan Ibrahimovic zou een grote slag geslagen worden, maar juist op het moment dat hij zich echt gesetteld leek te hebben, maakte hij de overstap naar het Italiaanse Juventus. Gezien de vergevorderde transferperiode kon pas in de winterstop weer een opvolger worden gehaald. Die opvolger werd Angelos Charisteas. Maar na anderhalf seizoen was het alweer over met de basisplaatsen voor de oud-speler van Werder Bremen en werd Klaas-Jan Huntelaar voor negen miljoen euro overgenomen van SC Heerenveen. Dit bleek een gouden greep.

'De laatste weken van de competitie ontpopte Suárez zich tot een bijna hernieuwde speler' Waar iedere spits aan de verwachtingen leek toe te moeten geven, was Huntelaar vastberaden wél te slagen in Amsterdam. De Dremptenaar kende een nog wat moeizame start, maar schoot Ajax wel in een paar maanden tijd naar de play-offs en winst in de bekerfinale. Hij was eigenlijk meteen al de nieuwe verlosser voor de fans, maar in een team dat zo matig draaide kon een nieuweling eigenlijk weinig fout doen.

Ook in deze periode werd er 4-3-3 gespeeld. Mauro Rosales haalde af en toe de achterlijn voor een voorzet, maar alsnog werd Huntelaar te weinig in stelling gebracht. De aanvoer vanaf links was nog een stuk beperkter. Babel was meer een man van de actie dan van de voorzet. Afgezien van een paar ballen van rechts maakte Huntelaar in z'n eerste seizoen veel doelpunten via aanvallen door het centrum. Zelden werd er een bal op de kop van de spits gemikt. Het tekent de kwaliteiten van de geboren doelpuntenmaker, want buiten Arveladze was er al tijden geen spits meer geweest die zich zo snel wist aan te passen.

De huidige situatie is dat Huntelaar zich verreweg topscorer van Nederland mag noemen. Met 33 doelpunten heeft hij het voortreffelijk gedaan. De speelstijl dat de buitenspeler de assist geeft, lijkt langzaam maar zeker terug te komen in het spel van de hoofdstedelingen. Van Kennedy Bakircioglu werd meer verwacht, maar Dennis Rommedahl en met name Suárez hebben de nummer 9 behoorlijk wat keren een doelpunt laten maken. De laatste weken van de competitie ontpopte Suárez zich tot een bijna hernieuwde speler. Steeds beter voelen hij en Huntelaar elkaar aan, al was aan het begin van de competitie al duidelijk dat Ajax een nieuw soort buitenspeler had binnengehaald. Uit tegen De Graafschap waren beiden verantwoordelijk voor een assist op de ander en verder in het seizoen ontwikkelde zich steeds meer een band tussen de twee.

'Wanneer Heerenveen-sterspeler Miralem Sulejmani komende zomer eventueel nog mocht overkomen, hebben de Amsterdammers twee van de nieuwste soort buitenspelers' Ajax speelt een nieuw soort 4-3-3. De buitenspelers gaan niet per se meer om hun mannetje heen richting achterlijn. Suárez trekt juist vaak naar binnen. Laat juist hij 'koning assist' zijn dit seizoen en zelf nog best wat doelpunten gemaakt hebben. De nummer 9 kan blijkbaar ook op een andere manier worden ondersteund. En wanneer Miralem Sulejmani komende zomer eventueel nog mocht overkomen, hebben de Amsterdammers twee van de nieuwste soort buitenspelers. Ook hij eindigde hoog in de assist- en doelpuntenranking. Huntelaar hoeft volgend jaar, mocht hij blijven, niet te vrezen voor te weinig aanvoer. Qua uitvoering lijkt klassiek 4-3-3 verleden tijd, qua veldbezetting zeker nog niet. Een nieuwe manier van het systeem lijkt geboren.

Lees ook: PSV gaat Ajax achterna
Lees ook: Mislukte Ajax-avonturen
Lees ook: Van Amsterdam naar Eindhoven en weer terug

terug

Discussieer over dit achtergrondartikel op het forum!



Home

terug


Voor reacties:
marten@ajaxonline.org
© Ajax Online 2001-2008  -  info@ajaxonline.org  -  Adverteren  -  Design: Ben van der Eijk  -  Partner: Ajax.Headliner.nl